In deze bajes
zit geen gajes
maar Hollandsch glorie
potverdorie
Het "Oranjehotel" was de bijnaam van de Polizeigefängnis in het huis van bewaring in Scheveningen gedurende de Tweede Wereldoorlog.
Tussen 1940 en 1945 zaten ruim 25.000 mensen gevangen in het Oranjehotel. De meerderheid was gearresteerd wegens verzet, ongehoorzaamheid of uitingen van onvrede met de Duitse bezetter. Daarnaast zaten er Joden, Jehova's Getuigen, Roma en Sinti en mensen die waren gearresteerd wegens economische delicten opgesloten, zoals diefstal en zwarthandel. Velen werden veroordeeld tot straffen in Duitse kampen. Ook werden ruim 250 gevangenen ter dood veroordeeld en op de nabijgelegen Waalsdorpervlakte gefusilleerd. De naam Oranjehotel dateert uit het begin van de Duitse bezetting en wordt sindsdien gebruikt als eerbetoon aan de vele daar opgesloten verzetsmensen.
De "doodencellen"
In het Oranjehotel waren meerdere cellen in de D-gang de "doodencellen". Cel 601 is de bekendste en enige in originele staat behouden geblede doodencel, waar ter dood veroordeelden hun laatste nacht sleten voor hun executie op de Waalsdorpervlakte.
Een aantal ex-gevangenen, het Nederlandse Rode Kruis en het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie richtten op 24 juni 1946 het Comité Oranjehotel op. Het door hen gerealiseerde Monument Oranjehotel bestaat uit 'Doodencel 601', 'het Poortje', de gedenkplaat 'Zij waren eensgezind' en de 'Doodenboeken'. Om het Monument Oranjehotel te beheren richtten zij op 6 mei 1947 de Stichting Oranjehotel op, die na oplevering van het monument en de Cel 601 tevens jaarlijks een herdenking is gaan organiseren.
Maak jouw eigen website met JouwWeb